GearReady · Dossier · Noodstroom

Noodstroom: van powerbank tot powerstation

Wattuur is je voorraad, watt is je verbruik. Snap dat ene verschil, en je weet precies wat je nodig hebt, en wat verspilling is.

Bijna iedereen heeft een powerbank en denkt daarmee klaar te zijn voor een stroomuitval. Tijd om die illusie door te prikken, want tussen een powerbank en echte noodstroom zit een wereld van verschil. Het draait om twee getallen die mensen door elkaar halen: wattuur en watt. Snap je die, dan koop je nooit meer het verkeerde, en betaal je nooit te veel.

Wattuur is je voorraad, watt is je verbruik. Wattuur (Wh) zegt hoeveel energie erin zit. Watt (W) zegt hoeveel een apparaat vraagt. Deel het een door het ander en je weet hoeveel uur je het volhoudt. Dat is de hele rekensom.

Waarom het getal op de doos je misleidt

Powerbanks staan vol met mAh, en dat getal zegt op zichzelf niets. Een mAh (milliampereuur) telt alleen bij een bepaalde spanning, en een powerbankcel levert 3,7 volt. De echte maat is wattuur: Wh = mAh x volt / 1000. Een powerbank van 20.000 mAh is dus 20.000 x 3,7 / 1000 = 74 Wh. Twee powerbanks met hetzelfde mAh-getal maar een andere spanning bevatten verschillende hoeveelheden energie. Reken daarom altijd in Wh, dan vergelijk je appels met appels.

En dan de tweede tegenvaller: je krijgt er niet uit wat erin zit. Om de 3,7 volt van de cel op te krikken naar de 5 volt van je USB-poort gaat energie verloren als warmte, zo’n 10 tot 20 procent. Een 20.000 mAh (74 Wh) bank levert daardoor in de praktijk ongeveer 60 tot 65 Wh. Met een telefoonaccu van grofweg 15 Wh laad je je toestel dus een keer of vier op, niet de vijf die je zou verwachten door kaal te delen. Dat is geen fabrieksfout, dat is natuurkunde.

Op de doosEchte energieTelefoonladingen
10.000 mAh37 Whongeveer 2
20.000 mAh74 Whongeveer 4
27.000 mAh100 Whongeveer 5

Klein weetje met een grote reden: 100 Wh is niet toevallig de grens die vliegtuigmaatschappijen aanhouden voor een powerbank in de cabine. Boven de 100 Wh heb je toestemming nodig, boven de 160 Wh mag hij helemaal niet mee.

Powerbank of powerstation

PowerbankPowerstation
Capaciteit37 tot 100 Wh500 tot 2000 Wh
Oftewel10.000 tot 27.000 mAheen accu op wielen of met handvat
Draaitje telefoon, een paar keerkoelkast, cv-pomp, medisch apparaat, voor uren
MerkentalloosEcoFlow, Jackery, Anker

Een gewone telefoon-powerbank laadt je toestel een paar keer op. Prima, maar dat is het dan ook. Wil je iets echts draaien, dan kom je bij een draagbaar powerstation. En daar begint de vraag die er echt toe doet: hoeveel wattuur heb je nodig?

Reken het eens uit

Kies vooraf het ene apparaat dat bij jou echt niet uit mag, zoek op hoeveel watt het trekt, en reken uit hoeveel wattuur je nodig hebt voor de uren die je wilt overbruggen. Een koelkast trekt zo’n 100 tot 150 watt, maar draait niet continu: de compressor slaat ongeveer een derde van de tijd aan, dus over een dag verbruikt hij grofweg 0,5 tot 1,5 kilowattuur. Een cv-pomp 50 tot 100 watt. Een powerstation van 1000 wattuur draait je koelkast dus geen hele dag; het koopt je uren, geen dagen.

Er is een addertje dat mensen over het hoofd zien: de aanloopstroom. Een koelkast of pomp trekt op het moment dat de motor aanslaat kort drie tot zeven keer zijn normale vermogen. Je powerstation of omvormer moet die piek aankunnen, niet alleen het draaivermogen. Vandaar de vuistregel: koop iets meer vermogen dan je op papier nodig denkt te hebben.

Voor comms en licht valt het juist mee. Twee telefoons, twee keer per dag laden, is ongeveer 60 Wh. Een LED-lamp van 5 watt, vijf uur per avond, drie dagen lang, is 75 Wh. Daar red je een heel weekend mee op een klein station van 300 tot 500 Wh, of op de doe-het-zelf-oplossing verderop. De grote slokoppen zijn warmte en koeling, niet je telefoon.

LiFePO4 of gewone lithium: het getal dat niemand noemt

Bij een powerstation kijkt bijna iedereen naar wattuur en prijs, en niemand naar de accuchemie, terwijl dat je beste of slechtste aankoop bepaalt. Er zijn twee soorten. Gewone lithium (NMC) is lichter en was vroeger goedkoper. LiFePO4 (kortweg LFP) gaat veel langer mee: 2.500 tot 3.000 laadcycli of meer, tegen 500 tot 1.000 voor NMC. Over de levensduur is LFP daardoor drie tot vier keer goedkoper per cyclus.

Voor een noodapparaat telt nog iets zwaarder: LFP houdt zijn lading beter vast in de kast, het verliest maar zo’n 2 tot 3 procent per maand. Precies wat je wilt van een station dat maanden ongebruikt staat tot de stroom uitvalt. LFP is bovendien brandveiliger en beter tegen warmte. Eén ding om te weten: opladen onder het vriespunt beschadigt elke lithiumaccu (er slaat lithium neer op de elektrode), dus laad je station binnen op of kies er een met zelfverwarming.

De koopregel is simpel. Zoek in de specificaties expliciet naar “LiFePO4” of “LFP” en een cyclusgetal van 2.500 of meer. Staat de chemie er niet bij en is het cyclusgetal onder de 1.000, ga er dan van uit dat het NMC is.

Zuivere sinus, of je apparaat gaat eraan

Een omvormer maakt van gelijkstroom (de accu) wisselstroom (het stopcontact), en dat kan netjes of rommelig. Een zuivere sinus (pure sine) benadert de stroom uit je stopcontact tot op minder dan 3 procent nauwkeurig. Een goedkope “modified sine” bakt er een blokkerige benadering van, met 30 tot 45 procent vervorming. Voor een simpele lamp of verwarmingselement maakt dat niets uit. Voor alles met een motor of een printplaat wel.

Op een modified sine lopen motoren 25 tot 30 procent heter en minder efficient, wat op termijn de compressor van je koelkast, de motor van je cv-pomp of je gereedschap sloopt. En medische apparaten, denk aan een CPAP of een zuurstofconcentrator, horen simpelweg nooit op een modified sine. De regel: alles met een motor of een medische functie draait op een zuivere sinus. De meeste merkstations zijn dat al; het risico zit in losse, goedkope omvormers.

De low-budget off-grid oplossing

Een merkpowerstation is fijn, maar niet iedereen legt er honderden euro’s voor neer. Je kunt met veel minder toch stroom houden voor het echt belangrijke: licht, communicatie en het laden van je telefoon. Drie manieren, van goedkoop naar iets meer.

1. Je auto als noodgenerator

Je hebt al een grote accu op wielen. Met een kleine zuivere-sinus omvormer van 150 tot 300 watt (vanaf een paar tientjes) draai je daar licht, laders en een laptop op. Tot ongeveer 200 watt kan via de 12V-aansluiting; daarboven sluit je de omvormer direct op de accupolen aan met een inline-zekering, nooit via de sigarettenaansteker, die smelt. Onder de 500 watt houdt de dynamo het bij als de motor stationair draait, dus laat de motor af en toe lopen om bij te laden. Trek de startaccu niet leeg met de motor uit, anders start je niet meer. En de harde regel die je verderop terugziet: een draaiende motor stoot koolmonoxide uit, dus dit doe je buiten, nooit in een gesloten garage.

2. De doe-het-zelf-powerstation

Koop een losse 12V-accu en een zuivere-sinus omvormer los. Een 100Ah LiFePO4-accu levert grofweg 1000 tot 1200 Wh bruikbaar, een AGM-tractieaccu ongeveer de helft omdat je die niet verder dan halverwege mag leegtrekken. Met een omvormer van 300 tot 600 watt en een lader (vooraf opladen aan het net) bouw je zo een powerstation voor een fractie van de prijs van een merkexemplaar. Sluit je een tweede accu aan, gebruik dan een scheidingsrelais zodat je je startaccu niet leegtrekt.

3. De zuinigheidstruc: sla de omvormer over

Dit is het inzicht dat het meeste scheelt en dat je zelden hoort. Een omvormer verbruikt zelf al stroom, ook als er niets op aangesloten is, en elke omzetting van 12V naar 230V en dan weer naar de lader van je apparaat kost 10 tot 25 procent. Alles wat op 12V of USB kan, draai je daarom direct van de accu: LED-licht, je telefoon, een ventilator, een 12V-koelbox, een radio. Zet de omvormer alleen aan voor het zeldzame apparaat dat per se 230 volt nodig heeft. Zo haal je uit een kleine accu dagen licht en communicatie, in plaats van uren.

Zonnepaneel: mooi in de folder

Een draagbaar zonnepaneel klinkt als gratis stroom, maar in de Nederlandse winter valt dat rauw tegen. December is goed voor zo’n 2 procent van de jaaropbrengst van een paneel; juni levert zeven tot acht keer zoveel op als december. Een draagbaar paneel van 100 watt haalt op een grijze winterdag misschien 100 tot 300 Wh, tegen 400 tot 500 Wh op een heldere zomerdag. Zie het dus als aanvulling om je station op een zonnige dag bij te laden, niet als je hoofdbron. Reken er niet op als het net in december dagen plat ligt.

De regel die geen uitzondering kent. Een benzine- of dieselaggregaat is géén powerstation. Het geeft veel vermogen, maar stoot koolmonoxide uit: kleur- en reukloos, en volgens Brandweer Nederland overlijden er in Nederland jaarlijks tien tot vijftien mensen aan. Een aggregaat hoort daarom nooit binnen, ook niet in de garage, schuur of kelder, en ook niet met een raam open. Altijd buiten, minstens drie tot vijf meter van ramen, deuren en ventilatieopeningen, met de uitlaat van het huis af. Hang een CO-melder op met de norm NEN-EN 50291. Een accu-powerstation is wel gewoon veilig binnen.

De drie dingen die mensen fout doen

Ze kopen op mAh en op prijs. Het grote getal op de doos en het laagste prijskaartje winnen, terwijl wattuur en accuchemie bepalen wat je echt hebt. Reken in Wh en kies LiFePO4 voor iets dat je tien jaar wilt houden.

Ze zetten het aggregaat te dicht bij huis. In de garage “voor even”, of vlak bij een openstaand raam. Koolmonoxide hoopt zich razendsnel op. Buiten, minstens drie tot vijf meter, uitlaat weg van het huis.

Ze verstoken hun reserve. Een waterkoker of fohn van 2000 watt leegt je station in minuten; een kop thee kost je zo meer dan een dag telefoon laden. Bewaar je wattuur voor wat telt, en draai licht en communicatie direct op 12V of USB.

Elke week drie korte inzichten als dit

Nuchter, en toegespitst op Nederland en België. Dat is BRAMs Briefing: drie korte mails per week, de eerste zes gratis.

Bekijk BRAMs Briefing

Noodstroom, licht en warmte veilig regelen als het net uitvalt, staat compleet in Code Rood, hoofdstuk 4: noodenergie en warmte. Zie ook wat je verder doet bij een langdurige stroomstoring, en welke powerbank en radio in je noodpakket horen. Blijf scherp.

Bronnen en verantwoording. De veiligheidsfeiten zijn Nederlands verankerd: de koolmonoxidecijfers en de CO-melder-norm komen van Brandweer Nederland, de zonopbrengst per maand van Nederlandse zondata (PVGIS van de Europese Commissie en Milieu Centraal). De technische uitleg (de mAh-naar-wattuur-omrekening en omzetverliezen, de accuchemie LiFePO4 tegenover NMC, zuivere tegenover modified sinus, en de aanloopstroom) is gebaseerd op internationale techniek- en fabrikantsbronnen en waar relevant getoetst aan de Nederlandse situatie. Cijfers zijn richtwaarden: je eigen apparaten en accu bepalen de precieze uitkomst.